Federaal parket eist zware straf voor vermoedelijke spion voor smokkel van militair materiaal naar Rusland

woensdag, 22 april 2026 (17:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Het federaal parket eist 7 jaar gevangenisstraf tegen Victor L., een 63‑jarige zakenman uit Ukkel die ervan verdacht wordt via Belgische vennootschappen Europese sancties tegen Rusland te omzeilen en defensiegerelateerde goederen naar Russische entiteiten te laten doorvloeien. Het onderzoek, deels gebaseerd op onthullingen van The Insider in 2024 en op rapporten van de Belgische Staatsveiligheid, stelt ook dat Victor L. zou optreden als agent van de Russische militaire inlichtingendienst GRU.

Volgens het openbaar ministerie maakte Victor L. gebruik van schijnbare tussenstations in landen als Turkije, Kazachstan en Oezbekistan om goederen uiteindelijk naar Rusland te doen belanden. Onder meer drukgevoelige detectoren voor explosiecontrole, meetapparatuur en chemicaliën werden zo geleverd; in één geval onderschepte de douane een zending van 9 ton aluminiumoxide die vanuit een loods in Luik via Duitsland en Turkije naar Rusland werd gesmokkeld. In totaal zou zo’n 400 ton producten zijn uitgevoerd, met vervalste documenten om de werkelijke aard en bestemming te verbergen.

De zaak raakt ook militaire programma’s: het parket wijst op een levering aan Sonatek, dat samenwerkt met producenten van de hypersonische Kinzhal‑raket die in de oorlog tegen Oekraïne wordt ingezet. De directeur van Sonatek is Ruslan L., zoon van Victor; hij verblijft momenteel in Rusland en was niet aanwezig op het proces. Het parket eist tegen hem 10 jaar cel. De rechtbank weigerde uitstelverzoeken, waarna de verdediging van Ruslan de zittingszaal verliet, waardoor een veroordeling bij verstek dreigt.

Een derde beklaagde, een Brusselse ondernemer van Russische origine, zou geholpen hebben bij het omzeilen van sancties; tegen hem vraagt het parket 3 jaar met uitstel. De verdediging van Victor L. ontkent spionage‑ of criminele motieven en pleit voor vrijspraak of een voorwaardelijke straf, stellende dat de geleverde materialen ook voor legitieme civiele toepassingen kunnen dienen.

Het proces loopt verder; het vonnis wordt vroegst eind mei verwacht. De zaak maakt duidelijk hoe sancties‑ontwijking, vermeende Russische inlichtingenactiviteiten en handelsstromen via tussenlanden samenkomen in een strafrechtelijk onderzoek naar steun aan Rusland.