"Ik ben aan het ergste ontsnapt": journalist Arnaud De Decker in vizier van Russische drone in Oekraïne

woensdag, 10 juni 2026 (07:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Journalist Arnaud De Decker bracht twee dagen door bij SIGNUM, een FPV-drone‑eenheid van de 59e brigade (“Steppe Predators”), die opereert in de bossen rond Lyman en Jampil bij Slovjansk (provincie Donetsk). Hij beschrijft hoe deze groep dagelijks vanuit ondergrondse posities tientallen door mensen gevlogen kamikazedrones inzet om Russische infiltreerders en materieel uit te schakelen — een praktijk die de contouren van het huidige front fundamenteel verandert.

De tocht naar de posten voert door een zogeheten “killzone”: een uitgestrekt gebied waarin Russische en Oekraïense verkenningsdrones elke beweging detecteren en waar kamikazedrones razendsnel op gesignaleerde doelen worden afgestuurd. Veel van de vijandelijke toestellen zijn met glasvezelkabels verbonden, onzichtbaar voor gewone dronedetectors; luisteren naar het zoemen van een drone is vaak de enige waarschuwing. De journaliste beschrijft routes onder kapotgeschoten dronennetten, langs uitgebrande huizen en voertuigen, en meerdere artillerie-explosies onderweg.

SIGNUM werkt georganiseerd en routinematig: piloten sturen FPV-drones (gevlogen met een bril, tot ~120 km/u en beladen met circa 3 kg springstof), technici assembleren en bewapenen toestellen, en spotters bewaken kaartbeelden en radiosignalen. De logistiek van voedsel, munitie en drones verloopt grotendeels via grond‑droneleveringen. Vanuit hun bunker hebben de operators een overzicht van hun sectoren, tot vijftien kilometer diep, en reageren ze continu op meldingen van infanteriebewegingen. Het team is jong — velen, zoals Ilya (26), zijn getekend door de oorlog en zien vechten als de enige optie om hun land en regio te beschermen.

De reportages tonen zowel het effectieve als het fragiele karakter van droneoorlogvoering. Cijfers die in het stuk genoemd worden wijzen op een enorme inzet van drones: volgens Mychajlo Fedorov waren er in 2025 ruim 819.000 met videobeelden bevestigde drone-inslagen op Russische doelen, waarvan naar schatting 240.000 slachtoffers vielen; meer dan 80% van de vernietigde doelen wordt nu door drones geraakt, grotendeels door Oekraïense types. Tegelijkertijd treden technische storingen op: tijdens De Deckers verblijf faalde een aanvalsdroon net voor detonatie, waardoor een Russische strijder bleef leven tot een naburige eenheid hem later uitschakelde — een moment dat de mannen zichtbaar raakte.

De menselijke kant krijgt veel aandacht: het constante geweld en de lange wachttijden, de routine van scrollen op sociale media tussen missies, het troostende beeld van kittens in de bunker, en het psychische gewicht van het altijd paraat staan. De eenheid ervaart ook angstige momenten: bij De Deckers vertrek werd de groep meerdere keren aangevallen door FPV-drones. Een toestel cirkelde dichtbij; op het laatste moment wist het team het neer te schieten op ongeveer vijftien meter afstand — De Decker ervoer dat als een ontsnapping aan de dood. De persofficier waarschuwde later dat journalisten specifiek door de Russen worden afgestreept, al zeggen de soldaten dat de aanvallen vaak willekeurig zijn.

Kortom: het verslag schetst SIGNUM als een professioneel en technisch bedreven onderdeel van de Oekraïense verdediging, dat een disproportionele rol speelt in moderne gevechten rond Slovjansk. Tegelijkertijd brengt het de kwetsbaarheid, de foutmarges en de emotionele tol van die nieuwe vorm van oorlogvoering in beeld — jonge mannen die dag in dag uit hetzelfde doen, gewapend met zelfgemaakte drones, terwijl de rest van het front onder voortdurende druk staat en toekomstvragen over mogelijke staakt‑het‑vuren onbeantwoord blijven.